Tussentijds bevindingen delen bij project Blankenburgverbinding

Hoe ervaren alle betrokkenen deze nieuwe werkwijze?

In 2018 heeft de veiligheidsbeambte zijn tussentijdse bevindingen gedeeld op basis van de bouwplannen en het ontwerpdossier voor de tunnels van het project Blankenburgverbinding. Niet afwachten tot het gehele dossier compleet is, maar al vroegtijdig en in delen beoordelen of de tunnelveiligheid in orde is. Waarom? En hoe pakte dit uit? We gingen in gesprek met Mark Goudzwaard (WNZ), Soer van Herk (WNZ), Pieter Blokland (GPO) en William van Rijswijk (BVB).

MARK GOUDZWAARD


Adviseur tunnelbeheerorganisatie

SOER VAN HERK


Adviseur tunnelbeheerorganisatie

WILLIAM VAN RIJSWIJK


Adviseur BVB

PIETER BLOKLAND


Technisch manager projectorganisatie

Eerst maar even over het project. De Blankenburgverbinding verbindt de A20 bij Vlaardingen (noordoever) en de A15 bij Rozenburg (zuidoever) met elkaar middels een nieuwe snelweg, de A24. Deze verbinding draagt bij aan een robuust netwerk. De drukte op de A15 en de Beneluxcorridor zal afnemen en de bereikbaarheid van de Rotterdamse haven naar de Randstad verbeteren. De A24 wordt ingepast in de omgeving en voorzien van een landtunnel op de noordoever (Hollandtunnel) en een tunnel onder het Scheur (Maasdeltatunnel). Ook wordt de A20 verbreed. De prognose is dat de nieuwe rijksweg in 2024 zal worden opengesteld.

Impressie Blankenburgverbinding

Advies op het bouwplan

Het project bevond zich in 2018 in de ontwerpfase. In die fase worden de bouwplannen uitgewerkt, die beoordeeld worden door de veiligheidsbeambte. Deze fase wordt afgesloten met (de aanvraag van) de omgevingsvergunningen bij het bevoegd college van burgemeester en wethouders. Dit is een belangrijk moment in het proces, omdat na vergunningverlening met de bouw gestart kan worden.

William van Rijswijk, adviseur bij Bureau Veiligheidsbeambte licht de standaard werkwijze toe: “De veiligheidsbeambte zal primair zijn advies baseren op de eisen uit de Warvw/Rarvw en het Bouwbesluit 2012, voor het beoordelen van een bouwplan inclusief bijlagen. Daarnaast kijkt de veiligheidsbeambte ook naar aspecten die niet direct een vereiste zijn bij een bouwplan, maar waarin wel mogelijk risico’s zitten die het moment van openstelling kunnen beïnvloeden.” Vanuit zijn wettelijke taak staan een drietal hoofdvragen centraal voor een veilige openstelling:

  • Zijn de noodzakelijke veiligheidsvoorzieningen aanwezig?
  • Functioneren de aanwezige veiligheidsvoorzieningen betrouwbaar, voor nu en in de toekomst?
  • Staan de organisatie van de tunnelbeheerder (inclusief verkeerscentrale) en de hulpverleningsdiensten gesteld voor de aan hen toegewezen taken, voor nu en in de toekomst?

Aanpassingen 5 voor 12 voorkomen

Mark Goudzwaard en Soer van Herk vertegenwoordigen als adviseurs de tunnelbeheerorganisatie. Pieter Blokland is technisch manager bij de projectorganisatie. Deze heren hebben William van Rijswijk al rond mei 2018 opgezocht, om gezamenlijk een plan van aanpak rondom het adviestraject op te zetten. Pieter licht toe waarom hij aanstuurde op een nieuwe werkwijze: “Contractueel gezien is de aanvraag van de omgevingsvergunning een verplichting voor onze opdrachtnemer. Bij deze aanvraag hoort een wettelijk vereist bouwplan gebaseerd op een ontwerpdossier. Dit plan moet van een advies van de veiligheidsbeambte voorzien zijn. Het is niet handig om als projectorganisatie eerst je werk af te maken en je dan af te vragen of je het goed gedaan hebt. Daarom had het onze voorkeur dat de veiligheidsbeambte zijn advies al vroegtijdig gaf, specifiek op het bouwplan en het ontwerp van de veiligheidskritische functies. Het doel van deze werkwijze was dat mogelijke showstoppers vroegtijdig gesignaleerd werden zodat deze ruim voor de geplande datum voor de aanvraag van de omgevingsvergunning weggewerkt konden worden.”

Risico’s door af te wijken

Die nieuwe aanpak had niet direct de voorkeur van de tunnelbeheerorganisatie. Mark: “Wij zagen daar in eerste instantie juist een risico in. In de Landelijke Tunnelstandaard staat namelijk dat het advies pas komt als het definitief ontwerp op tafel ligt. Het vroegtijdig vragen van een formeel advies van de veiligheidsbeambte zou naar onze mening een verkeerd beeld schetsen van de kwaliteit van de tunnelontwerpen. Want doordat de veiligheidsbeambte het definitieve ontwerp niet heeft kunnen zien (dit is immers nog niet klaar) zou het advies zo vroeg in het proces een graag aantal bevindingen bevatten. De bevindingen richten zich dan voornamelijk op de ontbrekende delen, en niet zozeer op de kwaliteit van het ontwerp van de veiligheidskritische functies. Naar onze mening zou een grote lijst met bevindingen een verkeerd beeld geven over de kwaliteit van het (ontwerp)proces dat we met z’n allen doorlopen hadden. Dit advies gaat dan mee in de vergunningsaanvraag en ligt ter inzage.

Weliswaar met de reactie van de tunnelbeheerder waarin hij kan aangeven dat bevindingen inmiddels opgelost zijn en er een veilige tunnel gebouwd kan worden, maar toch: die lange lijst blijft in beeld.”

Eerst informeel, daarna formeel

Soer: “We zijn met elkaar in gesprek gegaan, hebben alle belangen op tafel gelegd en zijn samen met de veiligheidsbeambte op zoek gegaan naar een aanpak. We kozen ervoor om het dossier in delen aan te leveren, zodat de veiligheidsbeambte al tussentijds en informeel documenten kon beoordelen. Zo konden we tijdig bijsturen indien nodig. Daarnaast zijn duidelijke afspraken gemaakt over het moment waarop de veiligheidsbeambte zijn definitieve, formele advies moest afgeven. Deze werkwijze bood ons dus de voordelen van het tussentijds beoordelen zonder de nadelen van een advies op een niet-voltooid ontwerp. Met deze flexibele werkwijze is het gelukt de vergunningen netjes volgens planning aan te vragen.”

“Wij hebben als projectorganisatie de flexibiliteit van alle partijen, maar met name de veiligheidsbeambte, zeer gewaardeerd.”

Waardering voor flexibiliteit

Die aanpak vroeg veel van zowel de aannemer, de projectorganisatie, de tunnelbeheerder als de veiligheidsbeambte. Pieter is lovend over de inzet van alle betrokkenen: “Wij hebben als projectorganisatie de flexibiliteit van alle partijen, maar met name de veiligheidsbeambte, zeer gewaardeerd. Er is echt gekeken naar ieders belang en hoe we daar zo goed mogelijk invulling aan konden geven. De korte lijntjes die we onderling hadden, hebben daar ook flink aan bijgedragen.”

Zachte landing

Voor William betekende de intensieve manier van samenwerken en de gedrevenheid binnen dit project dat hij flexibel moest zijn in zijn aanpak. “Het tempo dat we in dit project hebben aangehouden vroeg om een versnelling, ook van de externe specialisten die we soms inzetten. Door te participeren in de ontwikkelingen en door zienswijzen met elkaar te delen, konden we een goed onderbouwd advies geven. Waarbij onze onafhankelijkheid natuurlijk buiten kijf staat. Maar het kennen van de context en historie, zorgt vaak voor een zachte landing van onze adviezen. Dat maakt het samenwerken veel prettiger.”

Goed resultaat

De gekozen intensieve manier van samenwerken heeft een positief eindresultaat. Bij het formele advies van de veiligheidsbeambte begin 2019 was de conclusie dat het dossier voldoet aan de WARVW. En dat het mogelijk is om voor openstelling aantoonbaar aan de RARVW te voldoen. Begin 2019 kon de vergunningsaanvraag dan ook ingediend worden. Naar verwachting starten de werkzaamheden in de zomer van 2019.

Pleidooi voor tussentijds advies

In eerste instantie was de tunnelbeheerder dus sceptisch, maar achteraf is Soer zo enthousiast dat hij zelfs een pleidooi wil houden voor deze werkwijze. “De Landelijke Tunnelstandaard staat soms op gespannen voet met de projectplanning. De afspraak is een advies op het definitief ontwerp, maar wij adviseren andere projecten om een werkwijze te volgen waarbij naast het definitieve advies behorende bij de aanvraag van de omgevingsvergunning de veiligheidsbeambte ook gevraagd wordt tussentijds bevindingen te doen, zodat eventuele showstoppers vroeg in het proces kunnen worden weggenomen. Ook bij het traject van de openstellingsvergunning willen we weer vroegtijdig met elkaar om tafel gaan zitten.”

Meer informatie over het project Blankenburgverbinding is te vinden op www.blankenburgverbinding.nl